Organisatie van hoekenwerk Copy

In de vorige les heb je kunnen lezen dat er tijdens het hoekenwerk verschillende soorten spel zijn en dat je hier activiteiten en opdrachten aan kunt koppelen. Hierdoor kun je heel spelenderwijs werken aan verschillende doelen. Maar hoe bied je deze vervolgens aan? Hoe regel je dit organisatorisch?

Er zijn eigenlijk twee echt verschillende manieren om het hoekenwerk te organiseren. Er zijn leerkrachten die werken volgens een roulatiesysteem, maar er zijn ook leerkrachten die veel liever werken met een planbord. In deze les worden beide vormen beschreven, zodat je zelf een keuze kunt maken wat bij jou en de kinderen het beste past.

©Manon Bouwman
©Manon Bouwman
DSC_0466-2-1024x679

1. Roulatiesysteem

Juf Manon werkt graag met een circuit in de klas. Eigenlijk heeft ze verschillende redenen om dit te doen. Ten eerste heb je zo een goed overzicht, elk kind komt ten minste één keer in alle hoeken en de kinderen weten precies wanneer ze welke hoek gaan doen.

Ten tweede kost het aan het begin van het thema even tijd om het allemaal voor te bereiden, maar vervolgens hoef je tijdens het circuit alleen nog maar de bakken met spullen te pakken. Het kost weinig tijd om het circuit te organiseren. Je hoeft niet veel te plannen of ingewikkelde schema’s bij te houden en de kinderen kunnen direct aan het werk.

Aan het begin van het thema bedenk je een aantal activiteiten. Bij het thema ‘Mijn lijf’ is dit bijvoorbeeld:

  1. De themahoek
  2. Op de iPad filmpjes kijken met behulp van QR codes
  3. Een wenskaart schrijven voor een ziek persoon
  4. Je lichaam tekenen
  5. Proefjes rondom zintuigen
  6. Een dokterstas knutselen

Stel je werkt op maandag-, dinsdag- en donderdagmiddag met het circuit dan kun je er twee weken mee doen. Dit is een vrij ‘basic’ manier van hoekenwerk. Je hebt als leerkracht echt de regie en het is een fijne manier als je nog weinig tot geen ervaring hebt met het thematisch werken.

Wil je de kinderen meer keuzevrijheid geven dan kun je er ook voor kiezen om met behulp van een planbord te werken en/of wat meer open activiteiten aan te bieden.

2. Planbord

Juf Emerentia werkt op een Jenaplanschool en is stamgroepleider van groep 3/4/5. In de klas gebruikt ze het planbord als organisatievorm voor het hoekenwerk. Op het planbord hangen 15 kaartjes waarop de kinderen kunnen zien welke hoek ze kunnen kiezen. Ook staat er op het kaartje hoeveel kinderen tegelijkertijd in de hoek kunnen. De kinderen hangen hun sleutelhanger achter het haakje bij de hoek die ze kiezen. 

Bij elke hoek heeft juf Emerentia een opdrachtkaart gemaakt. Hierop staat het doel (bijvoorbeeld ‘Ik bouw een toren van 1 meter hoog‘) uitgeschreven. De kinderen maken vervolgens een keuze uit de activiteiten die in de hoek liggen. Na het werken kleuren de kinderen op hun weekplanner het vakje van de hoek waar ze gewerkt hebben. Dit regelen ze zelf, waardoor het verantwoordelijkheidsgevoel en de zelfstandigheid worden gestimuleerd en je hier als leerkracht geen werk aan hebt.

De kinderen mogen elke week één keer in dezelfde hoek werken. Niet alle kinderen zijn na het werken in de hoeken klaar met de activiteit. Deze materialen worden op de ‘afmaakkast’ verzameld. Op vrijdagmiddag mogen de kinderen deze activiteiten afmaken en dus een keertje extra in die hoek.

Juf Emerentia werkt met het planbord in periodes van vakantie tot vakantie. Per periode verandert zij alle activiteiten, dus niet de hoeken. In de hoeken biedt ze activiteiten aan waarbij de kinderen experimenteren met nieuwe, actuele en herhaal doelen. Aan het begin van een nieuwe periode besteedt ze veel tijd aan het uitleggen van de activiteiten. Vervolgens kan ze de kinderen steeds meer loslaten en instructie geven, meespelen of verdieping in het rollenspel aanbrengen.

Voorbeeld doelenoverzicht

  1. Taalhoek: ik oefen met de letter en woorden van de week (letterkralen rijgen)
  2. Rekenhoek: ik speel een Met Sprongen Vooruit spel (Domino, Burenbingo, Samen 5, Splitsmemory of Verliefde harten)
  3. Ontdekhoek: ik kan spiegelen en getallen tot 30 op volgorde hangen (spiegelen, getallenlijn met wasknijpers)
  4. Themahoek: ik speel winkeltje (betalen met 1 en 2 euro)
  5. Creahoek: ik kan de letters en cijfers na kleien (met behulp van kleikaarten)
  6. Contructiematerialen: ik kan letters en cijfers nabouwen met lego (met behulp van voorbeeldkaarten)
  7. Bouwhoek: ik bouw een toren van 1 meter hoog (meten met een meetlint)
  8. iPad: ik oefen sommen tot 10 (groep 3) of sommen tot 20 (groep 4) (met behulp van QR-codes)
  9. Spelletjeshoek: ik speel het spel qwirkle, ganzenbord of smartgames.
  10. Schrijfhoek: ik oefen mijn motoriek. Ik oefen schrijfpatronen (fijne motoriek spelletjes, schrijfpatronen)
  11. Varia: ik oefen met Varia (opdrachtkaarten die aansluiten op de lesstof spelling en rekenen)
  12. Computer: ik speel Zoem de Bij of Ambrasoft
  13. Kralenplank: ik kan een voorbeeld namaken
  14. Bluebot: ik kan de bluebot naar het juiste cijfer of de letter sturen.
  15. Piccolo/Loco: ik oefen met mini-loco of piccolo (opdrachtkaarten die aansluiten op de lesstof taal, rekenen en spelling)
©Emerentia Muskens

Hoe richt je het lokaal in? Hoe maak je ruimte voor hoeken?

Niet elke leerkracht heeft een groot lokaal om verschillende hoeken te maken. Op zich hoeft dit geen probleem te zijn voor het hoekenwerk. Wel is het fijn om een ruimte in het lokaal of op de gang te creëren waar de themahoek kan plaatsvinden. De overige hoeken kunnen ook verplaatsbare hoeken zijn. Denk aan een paar tafels die je tijdens het hoekenwerk tegen elkaar aan zet of een bak met spullen die je erbij pakt. Kinderen kunnen vaak ook prima aan hun eigen tafel, op de gang of op de grond werken.

Overleg ook met de leerkrachten van de kleuterbouw. Je kunt misschien gezamenlijk van de bouwhoek of zandtafel gebruik maken. Bijvoorbeeld als de kleuters aan het buitenspelen zijn of je wisselt dit per week.

Waar kun je aan denken bij het inrichten van je klaslokaal:

  • Staan de tafels in groepjes, zodat je snel en eenvoudig een hoek kunt maken?
  • Kun je ruimte creëren voor een themahoek waar kinderen zich vrij kunnen bewegen?
  • Kun je een aantal hoeken van de kleutergroepen gebruiken?
  • Heb je een ruimte (kast of i.d.) waar de kinderen hun gemaakte werk kunnen tentoonstellen?
  • Zijn de benodigdheden (scharen, papier, lijm e.d.) snel te pakken voor de kinderen?
  • Oogt het lokaal geordend en rustig?
IMG_0275-5
IMG_0276-6

Themahoek en rollenspel

Nadat je hebt nagedacht over hoe je het hoekenwerk gaat opzetten is het tijd om je te verdiepen in de themahoek. Hier draait het uiteindelijk allemaal om; de wereld halen we in de klas! Veel leerkrachten richten zelf de themahoek in, maar het is juist veel leuker voor de kinderen wanneer ze dit zelf mogen doen. Kinderen krijgen zo veel meer eigenaarschap en voelen zich verantwoordelijk en betrokken. Het maken van een hoek gebeurt naar aanleiding van diverse startactiviteiten en blijft tijdens heel het thema in ontwikkeling. De hoek hoeft dus niet binnen een paar dagen af te zijn.

In volgende lessen leer je aan de hand van inspirerende praktijkvoorbeelden uit de klas hoe je dit kunt organiseren. Natuurlijk hoef je het niet precies zo te doen, maar je kunt zo wel nieuwe ideeën opdoen.

Ben je op zoek naar een uitgewerkt themaplan? Hier vind je een voorbeeld voor het thema Mijn lijf – gekoppeld aan Sinterklaas.

×
×

Winkelmand