De onderdelen Copy

Tijdens het rekencircuit maak je gebruik van vier verschillende ‘hoeken’. Ik heb het woord hoeken tussen aanhalingstekens gezet, want je hoeft niet letterlijk gebruik te maken van hoeken. Het zijn eigenlijk vier verschillende onderdelen, namelijk:

  1. Instructietafel
  2. Papieren wereld
  3. Digitale wereld
  4. Speel en spel

Uit de praktijk blijkt dat bovenstaande goed werkt. Het is namelijk een mooie combinatie van zelfstandig werk, rustige activiteiten en spellen. Heb je al ervaring met het rekencircuit, maar verliep dit vaak chaotisch? Dan ging je waarschijnlijk hier de ‘fout’ in. Wanneer je bijvoorbeeld alleen spellen doet, dan wordt het veel te druk en raak je het overzicht kwijt. Ook is het dan lastiger om instructie aan een klein groepje te geven.

Spelenderwijs rekenen

Instructietafel

Dit onderdeel is altijd met de leerkracht of onderwijsassistent. Je gebruikt deze tijd om de kinderen heel gericht aandacht te geven. Doordat je werkt met een klein groepje kun je goed tegemoet komen aan de onderwijsbehoeften, kunnen ze van en met elkaar leren en is het makkelijker om concreet materiaal te gebruiken.

Tijdens dit onderdeel laat je de kinderen niet zelfstandig aan de slag gaan. In principe doe je alles stap voor stap samen of laat je de kinderen samenwerken.

Je hebt ruim 10 minuten voor de activiteit dus je houdt het zo eenvoudig mogelijk. Bedenk goed van te voren met welk doel de kinderen bij jou aan tafel komen.

Voorbeelden:

  • Je wilt een nieuw spel uitleggen.
  • Je wilt het splitshuisje van 9 oefenen.
  • Je wilt de halve uren flitsen en controleren wie het beheerst.
  • Je wilt alvast pre-teaching geven voor het nieuwe doel van morgen.

Per niveaugroepje bekijk je hoe je het doel gaat oefenen. Met groepje 1 doe je waarschijnlijk bijna alles samen, groepje 2 en 3 kunnen na één samen, de rest in tweetallen maken.

Groepje 4 kan gelijk in tweetallen aan de slag. Probeer voor elk groepje dezelfde activiteit te bedenken en hierin te differentiëren. Ga je meerdere activiteiten bedenken dan ben je een hoop tijd kwijt aan de voorbereiding.

Je kunt natuurlijk wel een totaal andere (uitdagende) activiteit voor groepje 4 bedenken. Tijdens dit moment geef je de instructie en tijdens het onderdeel Speel en Spel kunnen ze ermee aan de slag. Denk bijvoorbeeld aan Rekentijgers of SmartGames.

Spelenderwijs rekenen

Papieren wereld

Het woord zegt het al; in dit onderdeel gaan de kinderen op papier aan de slag. Er zijn verschillende manieren mogelijk:

  • De kinderen maken een werkblad van internet of uit de methode.
  • De kinderen maken een deel van het werkboek.

Je kunt dit onderdeel heel goed gebruiken om te controleren of de kinderen zelfstandig aan het doel kunnen werken en het ook beheersen.

Met de kinderen spreek je af dat ze het zelfstandig maken en alleen als ze het echt niet snappen het zachtjes aan een groepsgenoot mogen vragen.

Belangrijk is dan wel dat je alleen werkbladen geeft over lesstof die al (meerdere keren) aan de orde is geweest. Zo weet je zeker dat ook de kinderen die het rekenen lastig vinden het kunnen maken.

Tijdens dit onderdeel kunnen de kinderen aan hun eigen tafel gaan zitten. Houd er wel rekening mee dat ze kunnen lopen als ze een bepaalde opdracht niet snappen.

Heb je de tafels in groepjes staan, dan kan je er ook voor kiezen dat de kinderen bij elkaar mogen gaan zitten. Ze kunnen dan eventueel makkelijker overleggen. Houd in je achterhoofd dat ze dit dan ook sneller zullen doen.

Ook tijdens dit onderdeel kan je differentiëren, maar het hoeft natuurlijk niet. Je kunt bijvoorbeeld aangeven dat groepje 1 minder sommen hoeft te maken of aan groepje 4 een ander werkblad geven.

computer

Digitale wereld

Digitale middelen mogen tegenwoordig niet ontbreken. Tijdens dit onderdeel mogen de kinderen op de computer of iPad. Heb je een digibord dat je zo kunt neerzetten dat andere kinderen er geen last van hebben dan kun je deze ook gebruiken.

Vaak is er software vanuit de methode beschikbaar die precies aansluit bij de leerdoelen. Als leerkracht kun je dit per kind heel handig instellen. Zo voorkom je dat ze iets doen wat al veel te makkelijk of moeilijk is. Ook kan je op deze manier heel eenvoudig differentiëren.

Wanneer je geen voldoende digitale middelen hebt dan kun je de kinderen in tweetallen laten werken. De kinderen kunnen dan om de beurt een som doen.

Je kunt ook binnen het groepje rouleren. De helft gaat op de computer/iPad, de andere helft doet iets anders. Wellicht heb je ook wel andere digitale middelen in de klas. Denk aan de Bee-Bot, Osmo of Tip-Toi. Dit zou je dan de andere helft van de kinderen kunnen laten doen. Ze moeten dit dan wel echt zelfstandig en zonder jouw hulp kunnen doen.

Toch is mijn ervaring dat als alle kinderen op de computer of iPad, desnoods in tweetallen, kunnen er meer rust in de hoek is. Tip-Toi kan wel een goede aanvulling zijn, omdat de kinderen dit zelfstandig en stil, met koptelefoon, kunnen doen.

Spelenderwijs rekenen

Speel en spel

Kinderen vinden dit vaak het leukste onderdeel, want ze mogen tijdens dit onderdeel een spel spelen. Vaak doen de kinderen dit in groepjes, maar je kunt er ook voor kiezen om spelletjes klaar te leggen die alleen kunnen. Denk bijvoorbeeld aan Loco of Pico piccolo.

De kinderen gaan volgens het roulatieschema (zie volgende les) twee keer in de week naar Speel en Spel. Het is het handigst om allebei de spellen al klaar te leggen. De ene helft van het groepje doet spel 1 en de andere helft doet spel 2. De keer erna wordt dit omgedraaid.

De kinderen gaan tijdens het spelen van de spelletjes aan de slag met het automatiseren van belangrijke rekendoelen.

Het onderdeel Speel en spel kan overal plaatsvinden. Je hebt geen instructietafel of computer nodig. Bedenk goed waar jij dit wilt hebben. In deze hoek mogen ze praten, dus je wilt ze het liefst afschermen van de rest van de groep.

Misschien heb je een hoek in het lokaal waar het goed kan of is het mogelijk om (met de deur open) op de gang te zitten. Je kunt ook de kinderen opsplitsen. De helft van het groepje blijft in de klas, de andere helft gaat in de gang. Dit wisselt dan per dag. Op een gegeven moment weten ze dit precies.

Kinderen vinden het heel stoer als ze op de gang mogen werken. Natuurlijk is het dan wel belangrijk om een aantal regels af te spreken. Andere klassen mogen niet gestoord worden. De meeste kinderen zullen deze verantwoordelijkheid wel nemen. En zo niet dan moet deze leerling in de klas blijven.

×
×

Winkelmand